Émile Verhaeren publiceerde in 1895 La Bourse in de bundel Les Villes Tentaculaires. Deze bundel werd in 1919 opnieuw uitgegeven en voorzien van houtsnedes van Frank Brangwyn. Verhaeren controleerde de drukproeven avec une grande émotion, want de illustraties verbeeldden precies wat Verhaeren met woorden had willen oproepen.

Metropool

De “grote stad”, gegroeid uit nieuwe krachten en een nieuwe dynamiek die de samenleving “modern” hebben gemaakt, balanceert tussen wat voorbij is én nog moet komen: Le rêve ancient est mort et le nouveau se forge. Fascinatie en vrees strijden om voorrang, want de ongekende vitaliteit, de ontluikende massaliteit, het versnelde ritme, het toegenomen verkeer en de overvloed aan prikkels laten niemand in de grote stad onberoerd -nieuwe indrukken, nieuwe perspectieven, maar ook nieuwe offers en nieuwe ellende. Aangedreven wordt deze dynamiek door een brandstof die al lang bekend is, maar nu tot zijn essentie is teruggebracht: geld-kapitaal. Als het geld niet circuleert smoort het leven in de grote stad en alles van waarde is in de metropool geprijsd.

De l’or ! – boire et manger de l’or!
Et, plus féroce encore que la rage de l’or,
La foi au jeu mystérieux
Et ses hasards hagards et ténébreux
Et ses arbitraires vouloirs certains
Qui restaurent le vieux destin

De beurs

Hoge zuilen en een imponerende trap die de verhoogde aanleg van de beurs accentueert, domineren de houtsnede bij La Bourse. Exact deze elementen kenmerken ook de beurzen die in de 19de eeuw zijn neergezet in onder andere Parijs, London, Brussel en Philadelphia: neo-classicistische geldtempels naar Romeins voorbeeld. De façade van de beurs ligt in de schaduw, de laagstaande zon schijnt de toeschouwer -als in een tegenlichtopname- recht in de ogen. De halo om de zon zou een voorbode kunnen zijn van een weersomslag, maar kan ook worden opgevat als aureool of stralenkrans die wijst op de bijna sacrale status van dit financieel instituut .
Een grote menigte -veel heren met een hoge zije of top hat – bevindt zich aan de voet van de trap en een aantal personen is op weg naar de ingang voor mogelijk een onbestemd speculatieavontuur.

brangwyn_bourse_verhaeren

Spleen

brangwyn_promeneuses_verhaerenDe grote stad is een vruchtbare voedingsbodem voor de begeertes van de verveling –La foule – oh ses désirs multipliés, Par centaines et par milliers!- en helpt de honger op geraffineerde wijze stillen. Een kleine greep uit het aanbod: revue, variété, music-hall, warenhuizen, (wereld)tentoonstellingen, pers, feuilleton, musea. Zelfs lezingen -ook een 19de eeuwse vinding- vinden gretig aftrek als amusant tijdverdrijf.[ref]”De voorliefde voor deze “lectures zoals de Engelsen zeggen had zich in Parijs verbreid; een paar leden van de society hadden het voorbeeld gegeven; men had hen nagevolgd, de mode had dit soort intellectueel vermaak geaccepteerd en de voordrachtskunstenaars, zoals ze genoemd werden, konden er een behoorlijk bedrag aan overhouden.” Maxime Du Camp, Uren met Flaubert en andere herinneringen, blz. 127[/ref]
Ook de prostitutie kan zich niet onttrekken aan de tentakels van de grote stad en wordt in Les Promeneuses op eigentijdse wijze geschetst.

La ville est colossale et luit comme une mer
De phares merveilleux et d’ondes électriques,
Et ses mille chemins de bars et de boutiques
Aboutissent, soudain, aux promenoirs de fer,
Où ces femmes – opale et nacre,
Satin nocturne et cheveux roux –
Avec en main des fleurs de macre,
A longs pas clairs, foulent des tapis mous.

Het gedicht daarvoor, Le Spectacle, gaat over een avondje uit en eindigt als volgt:

Et minuit sonne et la foule s’écoule
-Le hall fermé – parmi les trottoirs noirs;
Et sous les lanternes qui pendent
Rouges, dans la brume, ainsi que des viandes,
Ce sont des filles qui attendent.

Mammon

Wagner componeerde een Götterdämmerung, Nietzsche proclameerde een Götzen-Dämmerung, maar in de grote stad blijft één cultus fier overeind: die van Mammon. In de houtsnede ná La Bourse kijken we van de andere kant naar de zuilen en trappen van dit gebouw waar nu een enorm standbeeld voor blijkt te staan. De twee beginregels omarmen tot slot twee versregels over het, in ademloze spanning, kloppende hart van de wereld dat hier verborgen ligt.

brangwyn_bourse_verhaeren_2

Metropolis revisited

Vijf jaar later heeft Brangwyn voor het kunsttijdschrift Byblis nog eens een stadsbeeld met een beurs in aanbouw geëtst -dat nemen we aan op grond van de titel Construction de la Bourse. Hierin gaat het niet over de beurs als symbool, maar over de stad die groeit, verandert. Kranen steken boven de gevels in aanbouw uit, het staalskelet met daarin al de verdiepingen is op voorgrond goed zichtbaar, een grote wand waartegen de peperbus met reclame scherp afsteekt, geeft informatie over de werkzaamheden en het publiek lijkt zich niet veel aan te trekken van de werkzaamheden. Dit is een moment uit het alledaagse leven in de grote stad. De enige overeenstemming met de houtsnedes is de krioelende massa mensen: ze lijken op mieren die een heuvel bouwen waarbij ze zelf bijna in het niet verdwijnen.

brangwyn_bourse